Het wilgenroosje

In de nazomer kleuren grote groepen wilgenroosje (Chamerion angustifolium) hier en daar hele waterkanten roze. Maar ook op drogere grond doet deze het prima: op een plek met een beetje goede tuingrond heeft deze vaste plant het al snel naar zijn zin. Wilgenroosjes zijn een persoonlijke favoriet van mij. Ze bevatten veel nectar en trekken daarmee allerlei insecten aan: hommels, honing- en wilde bijen tot (nacht)vlinders.

Tegelijkertijd zijn ze prachtig om te zien wanneer ze bloeien, zo prachtig dat je bijna vergeet dat ze ook eetbaar zijn. Maar dat zijn ze wel degelijk.
In het voorjaar pluk ik de jonge scheuten en eet ze als asperge of in gerechten met gemengd groen. Daarna zijn de bladeren heel geschikt om als spinazie te eten. De smaak is flauw, maar prima als je het met andere bladgroenten combineert.

En dan, als ze bloeien, zijn er nog de bloemen. Ze zijn heel licht zoet en geven een prachtige roze boost aan welk gerecht dan ook. Verder zijn nog de wortels eetbaar (bereiden als schorseneren heb ik me laten vertellen), maar ik moet bekennen dat ik het nog niet over mijn hart verkregen heb een deel te rooien om het te proberen. Overigens werkt opeten ook goed met de eenjarige wilgenroosjes die als onkruid in tuinen opkomen: als sla of spinazie gaan ze hier op het bord. Mocht je de bloemen niet oogsten (logisch, ze zijn wel erg mooi), dan verschijnen na de bloei de zaden die in pluizen aan de plant hangen en vooral in groepen heeft dat ook zo zijn charme.

Zelf pas ik wilgenroosje graag toe op vochtige plekken, in regentuintjes en langs vijvers. Eetbare bloemenborders hebben ook nog wel eens een toefje van wilgenroosje helemaal achterin, want het is een plant die met een hoogte van makkelijk 120 tot 150 cm wel boven de meeste andere soorten uitkomt. Maar waar ik hem met name van grote waarde vind is in (eetbare) bostuinen. Wilgenroosje doet het namelijk prima in zowel zon als halfschaduw en in de kruidlaag tussen het struweel. Juist voor bostuinen waar toch vaak in het najaar minder bloeit en, zeker als het een eetbare bostuin betreft, gebaad is bij meer insectentrekkers, is dat beetje roze van het wilgenroosje toch een welkome kleur.

Wilgenroosje is een sterke plant. Dat betekent ook dat ze met hun kruipende wortelstokken kunnen woekeren. Daarom combineert wilgenroosje het beste met andere sterke planten in een border waar ze zich mogen verspreiden. Of je moet een beetje willen dooreten.

Iris Veltman
Iris' garden ecology

 
doorzoek de site
 

- Tip 38 -

Plant bessenstruiken voor mens en vogels. Vogels maken hun nesten graag in heggen en struiken met doornen.

 

Zoekt u een bedrijf?

Met behulp van onze interactieve zoekfunctie kunt u Wilde Weelde bedrijven vinden.

Volg Wilde Weelde ook op Facebook en Twitter